0

‘Een fixeermiddel als Rufix verdient de kans om zich te bewijzen’

Blog gaat verder onder de afbeelding
rufix verdiend een kans zich te bewijzen

Rufix na testjaar nu ook op de markt voor professionals; onderzoek volgt nog
Het fixeermiddel Rufix is op de markt sinds 2018, maar vanaf dit jaar is er een professionele lijn en een particuliere lijn. Na een jaar te hebben gewerkt met Rufix, vertelt Ivo de Groot, directeur van Wolterinck, over zijn bevindingen: hoe je ermee werkt en waar het middel het beste kan worden toegepast.

Rufix is een fixeermiddel dat bestaat uit natuurlijke polymeren. Het tast eikenprocessierupsen versneld aan, waardoor ze immobiel worden. Marcel Heidbuurt is de ontwikkelaar; de fabrikant van Rufix is Centrics Naturals. Heidbuurt: ‘We hebben Rufix ontwikkeld met als doel het wegnemen van overlast door de eikenprocessierups, zonder dat de natuur in gevaar wordt gebracht. Hier komt de ervaring uit de voedingsmiddelenindustrie goed van pas. In elke line of business streven we naar een oplossing of product waar mensen blij van worden, maar zonder nadelige gevolgen voor mens, dier of milieu. Met deze kennis en gedachtegang zijn we gaan zoeken naar een oplossing die milieuvriendelijk is, alleen het probleem van de eikenprocessierups aanpakt en bovendien veilig in gebruik is. Dat is gelukt. Rufix is een gericht middel, volledig natuurlijk en onschadelijk voor mens, dier en milieu.’

Testen

Vanaf dit jaar is het fixeermiddel verkrijgbaar via Wolterinck Solutions. In april wordt de website gelanceerd. Wolterinck heeft Rufix in 2020 getest op grote en kleine eiken met EPR-overlast. Ook is het fixeermiddel ingezet bij een pilot op een Landal-park in Holten. Daar waren vierhonderd EPR-nesten gedetecteerd.

Rutger Cruiming, general manager bij Landal Twenhaarsveld in Holten: ‘Als wij in het verleden veel nesten hadden, lieten we ze wegzuigen. Maar dat is kostbaar en tijdrovend. Daarvoor komen mannen in witte pakken, wat geen gastvrije indruk geeft aan onze gasten. Bovenal wilden we voortaan de problematiek vóór zijn. We zijn in 2020 met Rufix gaan testen. Dat ging goed. We hebben een hoogwerker gehuurd en twee medewerkers van onze technische dienst hebben, in beschermende kleding en met gezichtsbescherming, Rufix aangebracht op de nesten. Nesten in bomen vlak achter de bungalows konden worden bereikt met een lans vanaf een ladder. Het is een groot voordeel dat je de werkzaamheden zelf kunt inplannen. Als je nesten laat wegzuigen door een aannemende partij, is de planning afhankelijk van de drukte bij die aannemer. En in jaren met veel EPR-overlast hebben alle aannemers die nesten wegzuigen het razend druk. Voor ons is belangrijk dat het middel biologisch is. We willen niet dat andere dieren er last van hebben.’

Cruiming vervolgt: ‘Onze medewerkers hebben Rufix over het hele nest heen aangebracht, zodat de rupsharen niet meer afgeschoten kunnen worden. Daarna brachten ze de lans in het nest, om het nest met de rupsen van binnenuit te doordrenken. Al vrij snel na de behandeling zie je eigenlijk niet meer dat het nesten zijn; ze lossen op en na een paar dagen zijn het ineengeschrompelde klonten. Nesten hoger in de boom hangen vaak in takken en blijven daar achter; nesten wat lager aan de stam kunnen op de grond vallen. We hebben een lint aangebracht bij elk behandeld nest en bezoekers en personeel voorgelicht over de behandelmethode. Na de behandeling met Rufix krijgen we aanzienlijk minder klachten dan daarvoor en de kosten van de overlastbeheersing zijn gehalveerd. Natuurlijk zetten we eigen uren in, maar we zijn zo flexibeler: we kunnen het doen wanneer we willen. Het zou helemaal mooi zijn als we zelf een hoogwerker zouden hebben; dan hoeven we die niet te huren. Misschien schaffen we ook nog wel een verlengde lans aan, zodat we moeilijk bereikbare nesten vanaf een ladder makkelijker kunnen behandelen. Als we dit jaar de planning perfectioneren, is de besparing nog veel hoger dan vijftig procent. Landal Holten heeft deze ervaringen met Rufix doorgegeven aan het hoofdkantoor, dat ook de andere Landal-locaties op de hoogte heeft gebracht. Alle parken maken hun eigen beheerkeuzes; sommige gaan dit jaar ook Rufix gebruiken.’

Voorsprong in beheerplanning

Wolterinck is sinds 2004 actief op het gebied van EPR-beheersing. Waarom heeft het bedrijf zich aan het fixeermiddel Rufix gecommitteerd? ‘Wij zien mogelijkheden voor het fixeren met Rufix als extra beheermethode naast bestaande methoden’, zo verklaart De Groot de stap. ‘In de piek van het seizoen kun je de hausse aan EPR-nesten feitelijk niet vóór blijven. De eerste twee weken dat er nestvorming is onder in de boom kun je het aantal nesten nog beheersen, maar de twee à drie weken daarop volgt er een explosie, die lastig is bij te benen. Rufix is dan een welkome aanvulling. Zo voorkom je de verspreiding van brandharen en de ontwikkeling van de rups tot vlinder.’

‘Een besparing van 200 euro en minder arbeidsintensief werk, dat is een behoorlijke winst’

Een ander voordeel dat De Groot aanhaalt, is dat hij veel nesten met EPR in het stadium L3 heeft behandeld. ‘Daarmee bouw je een flinke voorsprong in je beheerplanning op. Door de overlast van EPR vanaf L3 te beheersen, voorkom je dat de vlinders uitvliegen. Als je nesten pas wegzuigt wanneer de EPR zich in zijn laatste stadium bevindt, is er al een behoorlijk percentage eikenprocessievlinders uitgevlogen. Door dit vóór te zijn, draag je bij aan de daling van de populatie; geen vlinders betekent immers geen voortplanting. Dat is naar mijn mening de toegevoegde waarde van fixatievormende middelen.’

Voordelen

Welke toegevoegde waarde is er nog meer, vergeleken met het wegzuigen van nesten? ‘Nesten fixeren scheelt tijd en geld. Wegzuigen is een heel mooie techniek en blijft dat ook, maar wel arbeidsintensiever en kostbaarder dan fixeren. Dat hebben we het afgelopen jaar gemerkt. Bovendien is het afval een probleem bij wegzuigen: er zijn maar twee afvalinnamepunten in heel Nederland. Fixeren met Rufix is een goede aanvulling voor hoveniers en boomverzorgingsbedrijven, maar ook voor eigen diensten van gemeenten, recreatieparken etc. Ze hoeven geen dure installatie aan te schaffen, maar kunnen de EPR-overlast beheersbaar maken met een relatief simpele accupomp en Rufix.’

Wolterinck brengt Rufix aan vanuit een hoogwerker met een lagedrukaccuspuit met speciale nozzles. ‘De dunne lans is licht van gewicht, in tegenstelling tot de zware buis en slang die we inzetten bij wegzuigen. Dat scheelt veel kracht als we boven ons hoofd werken. Fixeren is daardoor een stuk minder arbeidsintensief dan wegzuigen. En na het werk konden we het materiaal eenvoudig schoonmaken.’

Met de fixeermethode lukt het Wolterinck om tweemaal zoveel nesten te behandelen als met de wegzuigmethode. ‘Als je non-stop nesten fixeert, kost het al snel 200 euro minder per dag. Bovendien kun je in hetzelfde tijdsbestek het dubbele aantal nesten behandelen.’

Geen nevenschade

Volgens De Groot is de viscositeit oftewel stroperigheid van Rufix zo gunstig, dat de nevenschade nihil is. ‘Het middel is eerder dun en relatief vloeibaar dan stroperig, en ook niet plakkerig zoals lijm. Dat is de reden dat het met lage druk kan worden aangebracht. We vermoeden dat andere organismes er niet aan vast zullen plakken. We hebben een filmpje waarin te zien is dat een insect (een huidvleugelige) dertig seconden na de fixatie uit het nest wegloopt.’

Veiligheid

Is het echt zo eenvoudig en veilig voor particulieren, hoveniers en kleine boomverzorgingsbedrijven om met het fixeermiddel Rufix te werken? De Groot: ‘Iedereen die ermee werkt, moet beschermende kleding gebruiken: het bekende witte pak, mond- of gezichtsbescherming en handschoenen – dezelfde middelen die ook worden voorgeschreven bij het wegzuigen van EPR-nesten. Door het prijsverschil tussen de particuliere en de professionele lijn kan de hovenier of boomverzorger eraan verdienen.’

In een vorige publicatie van vakblad Boomzorg lieten Henry Kuppen van Kennisplatform Processierups en Jules Sondeijker, coördinator EPR-beheer bij de gemeente Sittard-Geleen, weten dat zij uitzien naar onderzoeksresultaten waaruit blijkt of de brandharen onschadelijk zijn als gefixeerde nesten worden achtergelaten. De Groot: ‘Het is terecht dat zij wachten op verdere onderzoeksresultaten. Deze zullen nog volgen. Ik heb er zelf nog geen onderzoek naar laten doen, maar de producent van Rufix, Centrics, is bezig met voorbereidingen voor een onderzoeken dat dit jaar zal plaatsvinden.’

‘Ik ben voor alle methoden en er is een juiste methode voor elke locatie. Rufix hoort daar ook bij’

Voorbarig?

Mensen die in de omgeving van gefixeerde nesten verkeren, zullen veronderstellen dat de nesten die ze zien gevaarlijke brandharen bevatten. En die zorgen zijn terecht, totdat de onderzoeksresultaten het tegendeel bewijzen. De vraag is: is het niet gevaarlijk en voorbarig om al op grote schaal op de markt te komen met een middel waarvan de effecten op de schadelijke brandharen nog onbewezen zijn, en zonder dat er een werkrichtlijn of protocol voor dit middel bestaat? De Groot geeft aan dat er bij de inzet van Rufix naar buiten goede informatie over deze fixeermethode moet worden verstrekt, en dat beschermingsvoorzorgsmaatregelen van groot belang zijn. Hij ziet de onderzoeksresultaten echter positief tegemoet. ‘Ik stel, onder voorbehoud, dat de nesten op de bodem veilig versneld kunnen verteren. Bovendien houdt het middel de brandharen bijeen. Al na een paar dagen is het nest met de rupsen voor een groot deel verteerd, inclusief de haren. Ik ben ervan overtuigd dat later dit jaar uit de onderzoeksresultaten zal blijken dat al het organisch materiaal zo snel verteert dat de brandharen geen schade meer kunnen aanrichten.’

Hij voegt daaraan toe: ‘Vergeet niet dat andere methoden evenmin gezondheidsrisicovrij zijn. Ook bij het wegzuigen van nesten blijven er weleens brandharen achter, in nestdeeltjes die aan de boom blijven hangen of die op de grond vallen. En preventieve beheersing is ook niet altijd selectief!’

Hoe, waar en wanneer?

Wolterinck heeft Rufix beproefd en toegepast vanaf mei 2020; de EPR bevond zich toen in L3 en de nestvorming kwam op gang. ‘Eerder toepassen is lastiger; dan lopen de rupsen nog teveel en moet je met de lans de hele boom door. Dat is niet zinvol. Vanaf het moment dat er nesten worden gevormd, kun je de EPR efficiënt fixeren.’ De Groot adviseert om Rufix niet met een lans vanaf de grond toe te passen. ‘Dan kun je het nest niet goed zien. Zorg ervoor dat je dicht bij de boom en het nest komt. Bij nesten aan de stam en in het stamschot kan het natuurlijk wel prima vanaf de grond. Bij de berekening van de besparing ben ik uitgegaan van de inzet van een hoogwerker. Wij hebben in de hoogwerker overigens ook wel gewerkt met een extra verlengstok van 2,5 meter, zodat we wat makkelijker tussen de takken door konden komen.’

Op welke locaties kon Wolterinck het fixeermiddel Rufix het beste toepassen? ‘Op sommige locaties moeten nesten worden weggezogen, bijvoorbeeld in een eik op een schoolplein of in een winkelstraat. Vaak ligt er op dit soort locaties bestrating onder de boom. Dat is geen geschikte ondergrond waarop een nest kan verteren als het valt. Rufix is wel heel geschikt op locaties waar wél een natuurlijke ondergrond is, waar het nest zonder tussenkomst van mensen kan verteren. Eigenlijk vallen de meeste locaties in deze categorie: wegbermen, het buitengebied, particuliere tuinen waar ruimte rond de boom is. We hebben de juiste locaties uitgekozen om Rufix toe te passen; dat raad ik anderen ook aan.’

Minder EPR-afval

Waarom zou je een gefixeerd nest achterlaten als je het ook kunt meenemen, zeker als je veel moeite hebt gedaan om de boom in te klimmen om het nest te bereiken? ‘Je hoeft lang niet altijd hoog de boom in. In veel gevallen kun je met een lange lans bij het nest komen’, zegt De Groot. ‘Het nest veilig achterlaten is gunstig voor het EPR-afvalprobleem, zoals ik al eerder aanhaalde. Er zijn maar twee EPR-afvalinnamepunten. Dat is verre van efficiënt: wij moeten vanuit de Achterhoek helemaal naar Alkmaar rijden en weer terug. Het is lastig om dat prijstechnisch recht te breien en qua transport is het ook niet echt duurzaam! Er is toch niets mis mee als een boomverzorger of hovenier EPR-overlast bij een klant op een relatief simpele en veilige manier kan oplossen?’

Ctgb

Kuppen wees in het eerdere artikel op het belang van wettelijke toelating door het Ctgb. De Wet natuurbescherming (Wnb) verbiedt lijm en biociden zijn niet toegestaan onder de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Wgb). Is Rufix toegelaten door het Ctgb? Volgens De Groot heeft de producent van Rufix contact gehad met het Ctgb. ‘Het Ctgb heeft Rufix niet aangemerkt als gewasbeschermingsmiddel. Dat lijkt me een teken dat het goed is om een open mind te houden en te kijken hoe fixeren met Rufix een aanvulling kan zijn op de bestaande EPR-beheermethoden.’

Heilige huisjes

De Groot wil niet tegen heilige huisjes aan schoppen; hij vindt de bestaande methoden goed en heeft meer dan voldoende werk. ‘Ik ben natuurlijk een groot voorstander van alle methoden, ook als het gaat om biodiversiteit en het vergroten van de populatie natuurlijke vijanden. Maar deze beheermethodes vragen nu eenmaal meer tijd. Soms is die tijd er niet en moet je snel kunnen handelen. Dan is het goed dat er een breed scala aan beheermethoden en -middelen bestaat waarmee je acute overlast kunt beheersen. Bovendien is het altijd goed om verder te kijken dan je neus lang is. Het is niet erg als een nieuw middel of een nieuwe methode voor verbetering vatbaar is. Zo is de preventieve bespuiting met nematoden ook doorontwikkeld. En daarnaast: het wegzuigen gebeurde vroeger met een giertank. Die tijden liggen gelukkig achter ons. Het is goed dat nieuwe methoden een kans krijgen en zich doorontwikkelen. Een fixeermiddel als Rufix is iets nieuws, maar verdient de kans om zich te bewijzen.’

Er is toch niets mis mee als een boomverzorger of hovenier EPR-overlast bij een klant op een relatief simpele en veilige manier kan oplossen?’